Column: Pas op, oma!

Ik heb ze genoeg gehoord in mijn omgeving... vrouwen die uit volle borst riepen: “Ik word geen oppasoma. Af en toe, prima. Hartstikke leuk. Maar-geenvaste- dag-in-de-week!” Tot ze zo’n warm, klein hummeltje van eigen vlees en bloed in hun armen kregen. Smelten noemen ze dat. Ontdooien van binnenuit, tot je helemaal week bent. Bij mij valt er niets te ontdooien. Als ik een baby zie ben ik al nagenoeg vloeibaar van ontroering, laat staan als het je eigen zoon is die zo’n wondertje in je armen legt.

Dus heb ik me bij het eerste zwangerschapsbericht meteen vrijwillig gemeld als oppasoma. Het was wel even wennen, moet ik eerlijk bekennen. Ik had dan weliswaar zelf twee kinderen grootgebracht, maar dat was dertig jaar geleden. Er verandert veel in dertig jaar. Badderen gaat in de Tummy Tub of op de arm onder de douche. Een kruik in het bedje mag, maar niet onder de lakentjes (wat heb ik mijn kinderen áán gedaan!). Op de buik in bed, links, rechts of op de rug... de opvattingen daarover wijzigen regelmatig, dus altijd even navragen bij de mama.

De aangenaamste verandering is toch wel het plas- en poepgebeuren. Worstelde ik destijds nog met veiligheidsspelden en plastic strikbroekjes, en waren de Pampers-met-plasgootje alleen voor visitedagen; nu liggen de liefste luierbroekjes voorzien van schattige printjes stapelhoog in de kast. Natte billen bestaan niet meer. Even een fris billendoekje erover en klaar is kees. Zelfs het stinken van een poepluier is gereduceerd tot een halve minuut dankzij de emmer met draaimechaniek in het deksel. Eén ding is gebleven… het geworstel met het voedingsschema. Gekolfde melk of poedermelk, het moet er op bepaalde tijden in en of dat klopt met jouw wens en die van de baby is nog maar de vraag. Via mail kreeg ik een keurig schema binnen. Zoveel flesjes, zoveel water met zoveel schepjes poeder om de zoveel uren.

In het begin deed ik mijn best het schema uit mijn hoofd te leren. Maar de hoeveelheden en tijdstippen veranderden zo snel dat ik een whiteboard nodig had. Omdat ik toch vooral een goede oma wilde zijn, volgde ik het schema strak; ook toen er vast voedsel op het programma kwam. Geen 50+ we-zien-welmentaliteit maar een strakke logistieke planning. De eerste papfles en daarna het sapje met langevinger ging nog wel. Maar om na het slaapje samen een boodschap te doen en toch op tijd terug te zijn voor het boterhammetje viel al niet mee. Brood eten viel sowieso al niet mee. Ook al moffelde ik uiteindelijk de korstjes stiekem tussen mijn eigen kiezen weg, dan nog was het haasten om haar, met de middagfles er nog even achteraan, op tijd in bed te krijgen. Want te laat in bed = te laat uit bed = te laat aan het fruithapje = geen trek in avondeten. En daar zitten papa en mama mee.

Inmiddels is Mare een jaar oud. Ze huilt al niet meer zonder reden en aan strakke schema’s doen we niet meer. Wat een metamorfose heeft dat grietje ondergaan in het eerste jaar. Dat wordt nog wat.

Joke Kranenbarg heeft vier kinderboeken geschreven en is sinds korte tijd oma. Omdat oma zijn nou eenmaal heel anders is dan moeder zijn, beschrijft ze in deze column haar belevenissen met kleindochter Mare.

 

 



Op de foto (column Joke Kranenbarg)

Even naar de supermarkt. Even gauw een pak melk halen. Mare achterop de fi ets; samen een frisse neus halen en een klein boodschapje. “Ben zo terug,” roep ik naar opa, die met Rosa van vier maanden achterblijft. De supermarkt is nog geen kilometer van ons huis vandaan. Hoe lang kan zoiets duren?

Met een beetje hulp van Pippi (column Irene Heim)

“Uw kind zal nooit kunnen lezen. De ontwikkelingsachterstand is te groot. Verwacht niet dat uw zoon ooit zal praten, hij heeft een ernstige vorm van autisme. Uw kind heeft het Syndroom van Down. Verwacht niet te veel want dat is alleen maar frustrerend voor uzelf en voor uw kind. Uw kind zal hoogstens kunnen werken in een beschutte werkplaats.”

Doe eens gek, word gelukkig! (column Bastiaan Ragas)

Leuk al die onderzoekjes. Niet op kinderen, daar wordt ik wel wat kriegel van. Alle Cito’s, Nio’s en curve’s die ik de afgelopen jaren voorbij heb zie komen... Soms begeleid door een kromme zin als “Nou, uw kind gaat goed op het vlak van zelfstandigheid en werken maar met cognitieve associaties heeft hij/zij nog wel een beetje moeite.” Nee, dat soort pedagogisch gegogel vind ik niet zo wat. Kinderen worden op school vooral bekeken en gewogen of ze genoeg van taal en rekenen begrijpen.

Ik heeft een zusje (column van 'oma')

En opeens was ze er…de kleine Rosa. Nou ja, opeens… we wisten allemaal al een half jaar dat ze zou komen, maar voor Mare was het toch opeens. Natuurlijk had ze de buik van mama zien groeien. En dat er een baby in zat, wist ze ook. Ze had vaak genoeg gevoeld en geluisterd.

Herinneringen... (column Bastiaan Ragas)

Ik ben een romanticus, denk ik... Ik maak verhaaltjes... Mijn eerste echte zoen, mijn eerste examendag en mijn eerste blowtje waar ik blauw van aanliep... In mijn hoofd zijn het herinneringen met een kop en een staart.

Een tikkende klok...column Irene Heim

Tafels en stoeltjes worden apart van elkaar gezet. Iedereen moet stil zijn. Het digibord staat aan. Op het bord staan de opdrachten met daarnaast een grote tikkende klok. Een klok die aangeeft hoe lang de tijd je hebt voor elke opdracht. Het is weer tijd voor de toetsen. Een vast en verplicht onderdeel van de basisschool waarin de vorderingen van de leerlingen op systematische wijze worden bekeken.

Column uit de praktijk: Irene Heim

In mijn praktijk kom ik kinderen uit alle lagen van de bevolking tegen. Kinderen van ouders die financieel moeten knokken maar ook kinderen die in een kast van een huis wonen. Kinderen die door vader met een Porsche van school worden gehaald. Kinderen die als ze jarig zijn geen Playmobil koets krijgen maar het gehele Playmobil kasteel met alles erop en eraan. Kinderen waarvan je misschien zou verwachten dat ze gelukkig zijn omdat ze alles krijgen wat hun hartje begeert. Maar, schijn bedriegt.

Headache money (column Bastiaan Ragas)

Soms hoor ik mensen zeggen ‘Kinderen hebben zo’n lekker vrij en zorgeloos leven’. Ik denk dat ik me, voordat we kinderen kregen, nooit heb gerealiseerd hoe belangrijk een goede oppas is. Hoe je huwelijksgeluk afhankelijk kan zijn van de beschikbaarheid van een zestienjarig meisje. Je carrièremogelijkheden worden bepaald door een oppas oma. En het wél of niet doorzakken met je beste vriend die in een huwelijkscrisis zit wordt bepaald door het wel en niet succesvol onderhandelen met je 70-jarige ouders.

Oma Bobbie & oma Hatsjoe (column Joke Kranenbarg)

Het is feest op het kinderdagverblijf. Vandaag is het opa- en omadag. Mare boft, haar beide oma’s zijn aanwezig. De opa’s hebben het af laten weten. Ze zijn vorig jaar ook al geweest en weten precies hoe alles in elkaar steekt: de hoogte van de bedjes, de houtsoort van de speeltoestellen en het wel of niet functioneren van de klimaatbeheersing. Een tweede keer is dan niet nodig, toch? Oma’s kijken anders.

Het kind achter het masker (column Irene Heim)

In mijn praktijk kom ik ze tegen. Kinderen die vaak boos zijn, stelen, liegen of een fles limonadesiroop over het tapijt laten leeglopen. Kinderen die uit huis worden geplaatst omdat ze onhandelbaar zouden zijn omdat ze agressief gedrag vertonen en een gevaar zijn voor zichzelf of anderen. Kinderen die in de malle molen van de hulpverlening terecht zijn gekomen en in een jaar tijd wel tien verschillende hulpverleners hebben gezien.


Pin Point Parents | Archangelkade 47 | 1013 BE Amsterdam