Slow Parenting
In elk van ons schuilt dat verlangen, die sudderende onrust. Doorgaans voelen we het niet eens. Werken we monotoon de dagen door, werken we zonder protest de lijst verjaardagsfeestjes af en voor we het weten is het alweer 2012 en lijkt het leven je door de vingers te glippen. Maar soms... op zo’n werkdag waarop je jezelf acht uur lang hebt wijs lopen maken dat je toch wel een Heel Uitdagende Job (met prima perspectieven!) hebt, kom je na twee uur fi le om acht uur thuis, struikel je over een Winnie the Pooh-fi etshelmpje de keuken in om op tafel, naast een paar blauwe enveloppen en de babyfoon, een briefj e te vinden met een handschrift dat je herkent: ‘Hallo, schat! Joke belde of ik mee wilde gaan naar lesje Pilatus. Kan ik niet weigeren natuurlijk! Je eten staat in de magnetron. Laat jij Doortje straks nog even plassen?’ Op zo’n moment rispt dat gevoel in alle hevigheid op. Je zou... je zou de keukentafel in tweeën willen slaan! Je zou je baas willen bellen om te zeggen dat hij je rug op kan met die promotie die er toch nooit van komt. Dagen achtereen ben je bij het minste of geringste hevig geïrriteerd. Zonder dat het lieve beestje er enige aanleiding toe geeft, hol je de straat op en vergas je het poedeltje van de buurman op een giftige scheldpartij – simpelweg omdat het hondje al tien jaar lang, elke week, iedere dag,
driemaal daags in jouw straat wordt uitgelaten! Het is die verstikkende regelmaat in het volstrekt kunstmatige leventje van dit verworden wolfj e die een instinctmatige woede in je opwekt. Je zou alle ketenen van je o zo moderne bestaan willen losrukken! Weg met dat troosteloze huishoudschema dat aan de koelkastdeur hangt! Doortje halen van de naschoolse, Doortje eet thuis en gaat dan door naar ballet, pianolerares komt langs... Rot op met de zoveelste collectant van het zoveelste goede doel die net aanbelt als jij in je stoel zakt! Borrels met buren die een half uur in je oor staan te toeteren over hun nieuwe terras (‘Heb op internet mooie gecoate terrastegels gevonden met een speciale harslaag zodat je een omgevallen glas limonade of rode wijn zo kunt opdweilen’) – hoef je nooit meer naar toe! Je zou willen verdwijnen uit die gijzeling van het gezinsleven waarin je braaf ‘Prachtig!’ roept terwijl je kijkt naar het 134-ste prutswerkje waarmee de crècheleidster je kind zijn tijd heeft laten verknutselen. Je zou willen... je zou willen dat je op je eigen eiland zat of op je eigen boerderijtje. Zonder verjaardagskalender, zonder lege invalidenparkeerplaatsen, zonder keffende poedeltjes, zonder torenhoge hypotheeklasten. Mét je gezin, maar zonder het gevoel er een gevangene van te zijn. Wacht even. Voordat je je dagdromen als een natte hond van je afschudt en die magnetronhap naar binnen gaat werken, moet je het volgende goed op je in laten werken: ze bestaan nog. Die boerderijtjes in een liefl ijk dorp met een paar karrensporen en een oude kerk. En voordat je je handtekening zet onder de koopakte van die nog grotere gezinswoning in Amersfoort, nog even dit: die huisjes zijn te koop.
Alleen met de metro
Wanneer Slow Parenting exact is ontstaan weet niemand maar het zou me niet verbazen als geschiedschrijvers later 1 april 2008 als onoffi ciële startdatum zouden aanwijzen – en dat is geen grap. Op die dag publiceerde Lenore Skenazy, journaliste van het dagblad The New York Sun, namelijk een column die Amerika in vuur en vlam zette. Alleen al de kop van het stukje gaf stof genoeg voor twee stops bij de koffi emachine: Waarom ik mijn 9-jarige alleen in de metro liet reizen. ‘Ik liet hem achter op de eerste verdieping van Bloomingdale’s,’ schreef Skenazy. ‘Bij de handtassen. Ik rende de deur uit en riep: ‘Dag! Veel plezier!’ En hij hád veel plezier. Met de metro en de bus kwam hij weer thuis, alleen. Was ik bezorgd? Zeker, een beetje. Maar toch, ik had niet het idee dat ik hem aan allerlei onverantwoorde risico’s blootstelde. Is New York niet net zo veilig als in 1963? We wonen immers niet in Bagdad.‘ Twee dagen was de columniste de beroemdste én beruchtste moeder van Amerika. Ze verscheen in allerlei tv-programma’s om tekst en uitleg te geven. Hoe haalde ze het in haar hoofd! Hoe had ze het aangedurfd! Woedende moeders spelden haar de scheldnaam America’s Worst Mom op. Skenazy beschouwde dit als een eretitel, begon een blog over haar moederlijke opvattingen en schreef er een boek over –
Freerange Kids, Giving our children the freedom we had without going nuts with worry. Het boek groeide uit tot een bestseller want, zodra hun woederefl ex eenmaal was verdampt, bleken veel ouders zich te herkennen in het verhaal van deze slechte moeder. Ga maar na: welke ouder krabt zich soms niet achter de oren bij de gedachte aan de overmatige zorg waarmee we onze kinderen omringen? En bij de gierende stress die ervoor nodig is om alle scharnieren van het dagelijkse gezinsleven draaiend te houden? Precies, we rennen met z’n allen van hot naar her om onze kinderen in een veel te beschermde omgeving te laten opgroeien. En wie worden daar nu per saldo gelukkig van?
Pamperende hyperouders
Maar op de (bak)fi ets en in de fi le. En ook de kinderen puff en wat af achter de Wii, de Playstation en op de achterbank van de auto. De Brits-Canadese schrijver Carl Honoré meent dat kinderen gered moeten worden uit handen van pamperende hyperouders. Vergeet de bijles, de educatieve computerspelletjes en vuistdikke kniebeschermers, stelt Honoré, een dag zonder blauwe plek, is een dag niet geleefd! In navolging van Lenore Skenazy liet ook hij in 2008 een boek verschijnen, een enigszins essayistisch werk waarin hij niets minder dan een nieuwe levensfi losofi e verkondigde voor moderne ouders: Slow Parenting.
In zijn boek veegt Honoré de vloer aan met ‘helikopterouders’– vaders en moeder die hun kind als een Apache volgen, gereed om in te grijpen zodra contact wordt gelegd met een verkeerd vriendje. En, mocht je je al veilig wanen, ook als ‘grasmaaierouder’ krijg je er van langs. Ben je een type dat elke weerbarstige grasspriet voor de voeten van je kroost wegmaait, dan is het de hoogste tijd voor een uiterst kritische blik in de spiegel. Aldus Honoré. Voor wie na de kritische blik daadwerkelijk aan de slag wil, is gelukkig ook al een boek verschenen. Het praktische howto van de Britse auteur Tom Hodgkinson draagt de aansprekende titel Luie Ouders Hebben Gelijk. En, mooi meegenomen, we hoeven geen lange cursustrajecten te doorlopen om Slow Parenting in de vingers te krijgen. Volgens Hodgkinson is het praktiseren van Slow Parenting verrassend eenvoudig: je moet je kinderen zoveel mogelijk negeren. Dat wil niet zeggen dat je het kroost voor de tv laat zitten, integendeel. Je sleept ze voor het scherm weg, duwt ze de tuin in en draait de buitendeur op slot: ‘Ga maar een hut bouwen of knikkeren.’ Hodgkinson heeft zijn ideeën samengevat in een Luie Ouder-manifest met onder meer de volgende regels: We zijn tegen gezondheids- en veiligheidsinstructies. We proberen ons nergens mee te bemoeien. En: we werken allebei zo weinig mogelijk, vooral als de kinderen klein zijn.
In de praktijk
Geïnspireerd door Hodgkinson en zijn geestverwanten, ben ik op onderzoek uit gegaan. Niet dat we – mijn vriendin Ingrid, dochter Rosa (10), zoon IJsbrand (4) en ik - met z’n allen diep ongelukkig zitten te wezen in onze sfeervolle jaren-twintig woning in Hilversum. Maar we vragen ons wel af hoe ons leven eruit zou zien als we het over een totaal andere boeg zouden gooien. Stel dat we een oude fabriek in het noorden van Friesland zouden kopen? ‘Een wàt?’ reageert Ingrid als ik op een avond een stapel Fundafoto’s onder haar neus schuif. Na enig aandringen schuift ze de laptop opzij om met stijgende verbazing naar de foto’s te kijken. Robuuste muren, een klein woonhuis én een paar honderd vierkante meter grote, lege negentiende-eeuwse fabriekshal. ‘Waar is dit?’ `In Oudebildtzijl.’ Ze verslikt zich in haar ginsengthee. ‘Waar?’ ‘Oudebildtzijl, een pittoresk dorp van een kleine duizend inwoners in het uiterste noorden van Friesland. Vergis je niet, het is echt een kunstenaarsdorp. Dus we zijn niet de enige immigranten.’ ‘We? Denk jij dat ìk daar ga wonen?’ ‘Waarom niet? Het kost 150.000 euro. Kortom, lage woonlasten, geen kinderopvang meer - dat doen we zelf – en jij eindelijk tijd om je studie fi losofi e op te pakken. Of workshops Tibetaanse klankschalentherapie te organiseren, ruimte genoeg!’
Bemin de kindertijd
Een paar weken later zoeven we door de Noordoostpolder via Heerenveen naar Leeuwarden. Onderweg praat ik honderduit over Skenazy, Honoré, Hodgkinson én over de verre voorloper van Slow Parenting, de Franse romanticus Jean Jacques Rousseau. ‘Bemin de kindertijd! Gun het kind zijn spel, zijn plezier, zijn goedaardige instinct!’ citeer ik Rousseau terwijl de kinderen met koptelefoons op naar een fi lm zitten te kijken. ‘Wie van u heeft niet soms getreurd om die tijd, waarin de lach altijd op de lippen is, de ziel altijd vrede heeft? Waarom wilt u die onschuldige kleinen de vreugde onthouden van een zo korte tijd, die voorgoed voorbijgaat, van een zo kostbaar goed waarvan ze geen misbruik zouden kunnen maken?’
Ingrid hoort mijn ronkende declamaties met een fl auwe glimlach aan. Hoewel ze mijn grapje over Tibetaanse klankschalen niet kon waarderen (‘Je neemt mijn ambities niet serieus’), heeft ze steeds welwillender geluisterd naar mijn Slow Parentingplannen. In elk geval is ze vanochtend met een zonnig humeur in de auto gestapt. Tot we een paar kilometer boven de Friese hoofdstad de boomgrens passeren en door een weidse vlakte van bruine kleiakkers rijden. ‘Dit moet de polder Het Bildt zijn,’ zeg ik. ‘Bekend van de Bildtstar aardappel.’ Ingrid kijkt met stuurse blik voor zich uit over een kaarsrechte weg die in de verte wordt begrensd door de dijk van de Waddenzee. ‘Dit gebied was vroeger een zee,’ vertel ik. ‘De Middelzee. Op Wikipedia is er van alles over te vinden. Die Middelzee is geleidelijk aan ingepolderd. Vandaar dat het zo vlak is.’
Het Graauwe Paard
‘Hier ga ik niet wonen,’ klinkt het plotseling naast me. Ingrid parkeert de auto in downtown Oudebildtzijl. Gratis! Volop plaats! Het dorp, in 1505 gesticht voor de arbeiders die de inpoldering ter hand namen, is schitterend. Historische dijkhuizen, een basisschool uit de dagen van Dik Trom en donkerbruin eetcafé Het Graauwe Paard als epicentrum. Een paar honderd meter verder ligt de melkfabriek, een imposant industrieel monument met grauwgrijze muren, ingesloten door huizen van rode baksteen. ‘Geef toe,’ zeg ik. ‘Dit plaatje voldoet aan alle voorwaarden. Een betaalbaar pand met allerlei mogelijkheden; een kleine, open gemeenschap; een basisschool en een grote stad op niet al te grote afstand.’ ‘Maar geen bomen,’ zegt Ingrid. ‘Ik zal nooit kunnen aarden in een omgeving zonder bomen.’ ‘Ja, je kunt niet alles hebben.’ ‘Jammer, verder is het prachtig inderdaad. Alleen nog werk vinden.’ We strijken neer in Het Graauwe Paard, het type café dat direct aanvoelt als je tweede huiskamer, en praten over hoe het geweest had kúnnen zijn. ‘Als ze in 1505 nou meteen een boel bomen hadden geplant,’ zegt Ingrid.
Nog een melkfabriek
In de weken die volgen, trekken we er nog één keer op uit: weer naar een oude melkfabriek, dit in keer gelegen in Nijeveen, een dorp in de buurt van Zwolle. Maar geleidelijk dooft de vlam van Slow Parenting. Geconfronteerd met reële mogelijkheden blijken de geesten nog niet rijp voor de volledige omslag richting Lui Ouderschap. Telkens doemen nieuwe bezwaren op. Wat als we nou geen werk vinden? Wat als we na een paar jaar de melkfabriek niet meer kwijt kunnen? Wat als de kinderen het hier niet leuk vinden? Als we nog lang genoeg blijven debatteren over deze bezwaren, hoeft het al niet meer, dan zit hun jeugd er al op. En dus blijven we zoeken.
Zoeken
Nieuwsbrief
Ontvang de laatste Mail & Win en leestips.
Ontvang de laatste Mail & Win en leestips.
